| |
 |
 |
 Weer in bangkok
media
|
11 Juli 2005 | 07:41:58
 |
Na het hele Bali verhaal en ons autoavondtuur met het internationale gezeldsschap was onze reis in Bali nog niet afgelopen.
Het kreeg nog een klein vervolg.
Vanuit Kuta zijn we dus inderdaad met zijn vieren verder getrokken,dit keer naar Lovina. Een rit van 115 km (of kilo's) recht door het midden van Bali heen naar boven,het noorden.
Lovina is een kleine toeristische plek,maar helaas voor de balinezen was het haast uitgestorven.
Voor ons ook een beetje vervelend want weer waren we het target van jongens op scooters die wel een bungalow weten maar ook deze keer hadden we al uitgezocht waar we heen wilden en reden daar ook in 1 keer naar toe,zonder te verdwalen. Een kunst op zich!
Aangekomen vonden wij een mooie bungalow voor schappelijke prijs aan de rand, wat volgens de folder van het guesthouse,misschien wel het mooiste zwembad van Bali was! Het was wel mooi hoor,maar dat was weer wat overdreven.
Doordat het de laatse jaren allemaal wat minder gaat met het belangrijkste product van Bali, het toerisme, is alles wat vervallen en slecht onderhouden. Doodzonde,maar het is niet anders.
In Lovina ging het ondertussen met Felies haar enkel ook weer beter zodat ze besloot dat duiken er weer in zat voor haar.
De volgende dag gingen we dus op duikexcursie naar de mooiste plek in het noorden van Bali.
Dit betekende bijna anderhalf uur rijden en drie kwartier op een boot maar dat was het wel waard.
Tijdens het duiken hebben we niet echt bijzondere dingen gezien maar het koraal is mooi en onaangetast, wat eigenlijk wel weer vrij bijzonder is in Azie.
De volgende dag namen we afscheid van Nathalie die alleen door ging reizen naar Java en ook van Neil die richting Gili eilanden vertrok. Een afscheid voorgoed was het niet want 1 juli zouden we elkaar weer treffen in Kuta om nog eens goed gedag te zeggen.
Na 's ochtends het hele dorp rondgelopen te hebben op zoek naar een nederlandse bakkerij annex restaurant die er volgens Neil was en niet gevonden te hebben kwamen we weer terug bij ons hotel.
Even een snelle blik op de auto om te kijken of hij er nog staat. Hij stond er nog maar wel met een lekke band. Minder!
Op advies van de hoteleigenaar zijn we naar een knalpot (garage) gereden, dat lukte nog wel, en daar hebben ze de band voor ons verwisseld. Dit gaat op handen en knieen, het hele dorp schijnt zich er mee te bemoeien want er liggen ondertussen twee man onder de auto,de ander zoekt in onze auto naar de krik en de vierde delegeerd ons naar krukjes waar we kunnen gaan zitten wachten en observeren want veel anders is er niet te doen.
Ondertussen vragen we ons af wat dit in hemelsnaam gaat kosten en spoken de garageprijzen van nederland door ons hoofd. Na een klein half uurtje is de band verwisseld, de krik weer op zijn plaats en de schade is 25000 roepies, twee euro. Het valt mee natuurlijk maar echt zeker weten of dit dezelfde prijs voor indonesiers is betwijfelen we.
Ons plan was om de volgende dag naar Sanur te rijden (dit is weer helemaal in het zuiden) en dan de oversteek te maken naar een klein eiland. Omdat Felies de LP niet goed gelezen heeft en er dus naast een boot om 8 uur in de morgen ook een boot om 10.30 vertrekt vanuit Sanur zijn we al veel te laat opgestaan om die nog te halen. Dat wordt dus een dagje in de auto,saampies deze keer.
We besluiten helemaal rond te rijden omdat deze weg niet door de bergen gaat,dus geen dichte mist en regen, en er is ons ook verteld is dat er niet zoveel vrachtwagens rijden. En dat is wel belangrijk!
Als je eenmaal achter zo'n vrachtwagen hangt kan het weleens een zenuwbedoeling zijn deze in te halen. Ook met het optrekken van sommige wagens is het opletten geblazen want tijdens het schakelen lijken ze wel stil te gaan staan. Maar goed,om 12.30 na een stevige lunch zitten we in de auto op weg naar Sanur. Het eertse stuk gaat helemaal prima.
Vrachtwagens zijn er niet of ze slaan net af als wij in het zicht komen en ook verdwalen gaat moeilijk want het is rechtdoor.
Volgens de kaart in de Lp is er alleen een weg naar Sanur die via Denpasar en Kuta gaat. Hier hebben we niet veel zin in want dat betekend drukte en omrijden.
Volgens de kaart in de auto ( die al aan zijn laatste loodjes hangt maar toch een 2004/2005 editie blijkt te zijn) is er nog een andere weg die rechtstreeks naar Sanur leidt langs de kust.
We besluiten het erop te wagen en gaan op zoek naar de weg. Felies is niet de meest beste kaartlezer van de wereld en het mag dan ook geen wonder wezen dat we nadat ze met volle overtuiging 'hier naar links' heeft geroepen belanden bij de veerboot van naar Lombok. He,stonden wij hier een week of vier geleden ook niet?
De weg blijkt nog in aanmaak en bestaat pas voor de helft wordt ons door behulpzame indonesiers uitgelegd en even later vinden we deze ook en belanden we zonder veel problemen in Sanur. Aantal vrachtwagens onderweg gepasseerd: zes.
Felies die de laatste tijd steeds beter wordt in afdingen (wordt ook weleens tijd na 8 maanden) regelt een kamer voor 70.000 roepies (de beste man begon met 120.000) en laat zich ook geen kaartje voor de boot van morgenochtend aansmeren voor een driedubbele prijs. Nee, we kopen het zelf wel bij het bookingkantoortje meneer!
's Avonds zitten we nog even op internet maar we worden onderbroken door een grote groep schooljeugd die een schooluitje maakt naar Bali maar die ons blijkbaar intressanter vinden want we moeten met ze op de foto. Giechel, giechel en grapjes maken over onze lengtes rollen ze de bus weer in naar Java.
Reizen betekend echt niet acht maanden uitslapen want ook deze keer vertrekt het bootje om half acht in de morgen. We zitten dus al helemaal klaar met het ontbijt achter de kiezen als we tegen achten naar de boot worden verwezen.
We laten niemand onze tassen dragen want weten ondertussen dat dit betekend dat je moet betalen. Dat kleine stukje kunnen we echt zelf wel.
De boot is druk,zit vol met locals die naar het eiland gegaan en wat toeristen die overgens allemaal nederlanders zijn.
Wij komen voor in de boot terecht,de enige plek waar nog ruimte is, en denken dat we een mooi plekje hebben. Dat was ook zo tot op het moment dat de zee wat wilder werd en Marvin een bak met zeewater over zich heen krijgt. Zo,is hij ook weer wakker!
Op het eiland aangekomen begint weer de zoektocht naar geschikte accomodatie en natuurlijk willen we een hutje aan het strand.
De eerste bungalow die we bekijken, van een meneer die de gehele weg met ons op heeft gelopen en onderussen weet waar we vandaan komen, hoe we heten en hoe lang we blijven, is eigenlijk de mooiste. Marvin is nog in opdracht van Felies het hele strand afgelopen ('ik pas wel op de spullen!' is een mooi excuus om te blijven zitten) maar dan beslissen we toch voor het hutje met kingsize bed aan het strand.
Dan is het shoppen voor een duikschool want dit wordt de plek voor de laatste duiken van onze reis.
Er zijn welgeteld twee duikscholen en die gaan zonder veel gedoe van 60 dollar naar 40 dolllar voor twee duiken dus dat hebben we snel geregeld.
We besluiten te duiken bij de duikschool die het dichstebij is,naast onze bungalow. de andere duikschool is welgeteld dertig meter verder maar waren meer lopen als dat niet echt nodig is,denken we zo.
Om 12 ur zitten we al op de boot en hebben twee mooie duiken. Ook weer prachtig koraal en mooie visjes. Het is wel de eertse keer dat we duiken in koud water (ongeveer 26 graden) en Felies krijgt voor haar tweede duik een thermovest aan. Het klinkt warm maar als je bijna een uur onder water ligt is 26 graden dus koud!
Op het eiland is weinig tot niets te doen dus we eten wat,lezen wat en gaan naar bed.
De volgende opchtend is het weer vroeg opstaan want we worden verondersteld om om 9 uur alweer in het water te liggen.
Wij zijn er helemaal klaar voor rond die tijd maar de duikschool dus niet. De begeleider heeft zich ziek gemeld en kan er dus niemand met ons mee.
De baas verondschuldigt zich honderd keer om ons dan naar de andere duikschool mee te nemen om de enige duikklanten op het eiland (wij) over te dragen.
Gelukkig was de rest van het eiland aan het surfen dus was deze duikschool nog niet in bedrijf.
We konden mee, geen probleem. Na het uitzoekn van de spullen,deze keer nemen we alletwee een pak met lange mouwen en lange broek en gaan we op weg naar onze laatste twee duiken.
's Middags hebben we nog de hele dag in de zon gelegen om het kleurtje een beetje bij te houden en 's avonds voor de vijfde keer de film dodgebal gekeken (erg leuk,zelfs na 5 keer!).
De volgende dag moesten we alweer terug naar Kuta en dat betekende weer vroeg opstaan. Tijdens een ontbijt komen we nog een bekende tegen, de vriendin van felies haar zusje,die twee weken op vakantie in bali was.
de wereld blijkt weer erg klein.
Wij maken onze oversteek per boot,betalen de pakeerwacht 2000 roepies voor onze auto (hij wilde 10.000) en rijden naar het zuiden toe om de auto nog even maximaal te gebruiken.
We gaan op zoek naar een groot monument in aanbouw wat geweldig moet zijn, maar spelen het klaar twee keer te verdwalen zodat we nu echt alles van Bali hebben gezien.
Het monument was aardig maar niet echt indrukwekkend. Uit verhalen van andere hadden we begrepen dat het fantastisch zou zijn. Zijn we nu zo verwend of hebben we teveel gezien? Zou best kunnen natuurlijk.
Terug in Kuta nemen we voor de laatste keer een verkeerde afslag wat wat stress en onaardigheden oplevert in de auto maar we zijn maar een kwartier te laat en dat wordt ons niet aangerekend.
De 'niet meer helemaal goede band' wordt niet opgemerkt (de auto wordt helemaal niet gecontroleerd) en wij gaan bepakt en bezakt door het warme Kuta op naar ons guesthouse met zwembad.
Omde vijf seconde bied er iemand 'transsport' aan en Felies vind dat wel heel verleidelijk maar toch gaan we lopend. Waarom eigelijk,vraag je je achteraf af. Om 5000 roepies (15 cent) uit te sparen??
's Avonds hebben we een weerzien met Neil wat erg leuk is. We zijn van plan om onze laatste avond samen door te brengen in een goede club, tip van de duikschool op gili-eilanden. Ze waren er alleen vergeten bij te zeggen dat je in je korte broek en slippers niet naar binnen komt. Zelf hadden we daar ook geen seconde aan gedacht. Die kleding is een tweede huid geworden langzamerhand.
Maar goed, dan maar een iets minder hippe tent en is het toch nog gezellig.
Om drie uur zijn we het zat, Neil moet de volgende dag nog shoppen voordat hij vliegt en Felies ook dus zeggen we nu defenitief gedag.
Voor ons is het ook langzaam afscheid nemen van het reizen en al die kleine dingen die daarbij horen.
Als je over straat wordt aangesproken worden met :
-Hello pancake
-Hello transsport
-Hello massage
-Hello change money
-Hello marihuana
-Hello watermelon
-Hello buy suit?
-Hello what's your name
-Hello where you from
-Hello howareyou?
-Hello discount
-Hello whereyougo
Eten wanneer je trek hebt, niet zelf koken cq afwassen, ook niet zelf wassen, je hele hebben en houden in 1 rugzak, ,terugzwaaien naar mensen die je niet kent, het zonnetje wat altijd schijnt, vreemde valuta,moeilijk lopen doen over prijzen in winkels..... Tja het afdingen bij de albert Hein zal moeilijk gaan!
Kortom we zullen dit best gaan missen en proberen dan de laatste dagen nog lekker te genieten.
Onze terugvlucht naar Bangkok hebben we onderbroken in Singapoor om ook hier 1 dagje rond te brengen.
Singapoor blijkt groot, warm, druk, tweetalig (iedereen spreekt engels en chinees door elkaar heen,behalve wij natuurlijk), en duur te zijn. We hebben 1 avond de tijd gehad om wat rond te kijken en we moesten de volgende ochtend alweer op zoek naar het metrostation om onze vlucht naar Bangkok niet te missen.
De stad stond vol met gewapende politieagenten, waarschijnlijk omdat de vergadering van ioc daar was.
Terug in Bangkok zijn we begonnen met de laatste dingetjes te regelen en hebben we tussendoor nog twee dagen op koh Samet gezeten. Lekker even nog genieten van de zon en de warmte waar we ondertussen wel aan gewend zijn.
Daar kwamen we ook weer iemand tegen die we al twee keer eerder tegengekomen waren tijdens onze reis dus dat was wel weer toevallig.
Nu, op dit moment van schrijven, is het nog een paar uurtjes mooi weer voor ons.
De reis die we hebben gehad was geweldig en we hebben ontzettend genoten. Nu we de blik op naar huis gaan richten voelt dat ook wel goed. We verheugen ons op ons eigen plekje, op het weerzien met onze familie en vrienden en op het weerzien met Max en Jabba,de katten. Tja.....wat is er nou heerlijker dan thuis op de bank met de kat op schoot? Reizen? Misschien toch wel!
|
|
|
 |
 Bali tour
media
|
01 Juli 2005 | 13:29:30
 |
Het einde van onze reis begint te naderen en het besef dat we de
afgelopen periode ontzettend hebben genoten, maakt het dat we onze
laatste dagen nog intenser beleven.
Maar wat gebeurd er als we een auto huren, met twee mensen die we
al kennen uit Laos en een derde (aussie) die zich opdringt tijdens het
huren van dezelfde auto, waarbij wij er vanuit gaan dat het een goede
bekende is van onze vrienden. Spanningen, intriges, nachtelijke
samenscholingen en veel betekende blikken die na 7 dagen eindigen in
een korte stamelende zin; "We are going to travel together with the 4
of us !!".
Maar goed het heeft onze pret niet mogen bederven, het landschap
op Bali maakt veel goed en hoe verder je van de touristencentra
verwijderd raakt, hoe authentieker het leven wordt.
Geheel onbevangen ging ons circusgezeldschap bestaande uit Neil,
een canadees met een elastisch gezicht en geschoren torso, Natalie een
onbevangen Antwerpse schone, Demo een authentieke aussie die zichzelf
vermaakt met zijn eigen monologen en wij, de amsterdamse oudjes.
Vanuit Kuta zijn we doorgereisd naar de tempel Tanalot,
schitterend gelegen op een rotsformatie in de zee; tenminste dit
vertelde de lonely planet ons..., maar op de dag dat wij daar
aankwamen, (natuurlijk hadden we, zoals gebruikelijk, een weloverwogen
beslissing genomen en besloten dat de beste dag een zaterdag middag om
1 uur zou zijn), waren de deinende golfkoppen vervangen door de kopjes
van de lokale indonesieers die juist vandaag, nu wij er eens een
keertje waren de tijd namen om zich te laten inzegenen.
Ons vermaak bestond dan ook niet uit het bezichtigen van de tempel
en zijn schilderachtige omgeving, maar uit ons pas herwonnen
sterrenstatus (dat we in Kuta even kwijtgeraakt waren) waardoor we als
verwacht met de plaatselijke net ingezegende jonge meisjes en jongens
op de ouderwetse filmrolletjes worden vereeuwigd, natuulijk gepaard
gaande met de nodige hilariteit over onze lengte en haarkleuren.
Drie kwartier later waren we op weg naar Ubud. Ondertussen werden
we al voorzichtig gepeild over onze mening over de ongewenste gast,
waarbij wij aangaven dat het voor ons niet gebruikelijk is om op zo'n
korte termijn al uitsluitsel te geven over zijn plaats in de
natuurlijke rangorde binnen onze groep en wij ons daarover nog verder,
achter geslotenen deuren, moesten beraadslagen. Waarna dit antwoord met
een instemmende knik werd geaccepteerd.
Het rijden op Bali is een belevenis op zich, niet alleen moet
Marvin wennen aan een auto waar het stuur rechts, de schakelbak links
en de bediening van de richting aangevers rechts zit (waardoor de
richting regelmatig wordt aangegeven doormiddel van de ruitewissers,
waarvan er een zomaar pardoes stuiterend via het dak in de berm
beland). Maar hij moet ook nog wennen aan: wegwijzers die achter groene
bladeren verborgen liggen, wegen die wij zouden aanduiden als fietspad
en verkeer dat dit fietspad gebruikt als 4 baansweg. Tot ergenis van
Felies laat op de achterbank onze Demo zich niet weerhouden van
commentaren als: "Yeah boy go for it", op het moment dat er een auto
wat te lang voor ons rijd en " you want me to drive ?" Aangezien Marvin
zijn volledige concentratie richt op het vinden van een veilige route
in de chaos die zich om ons heen afspeelt, komen de opmerkingen bij hem
niet door.
De aanwezigheid van Demo wordt niet alleen gekenmerkt door de
eerder genoemde krachttermen maar ook door het vermogen zijn hoofd te
gebruiken als intstrument.
Dit gaat als volgt te werk: " Men klapt met vlakke hand, waarbij
de vingertoppen naar de hemel wijzen, 5 cm voor de mond (een houding
die sterk doet denken aan een balinesische danseres) en herhaald dit
enkele malen. Door de mond in een volledige circel te houden, als bij
het blazen van een circel van rook, vormt er zich nu een duidelijk
koekoeks geluid. Wij geven u even tijd om dit te proberen.......
Waarschijnlijk lukt het u net als ons niet dit geluid
voorttebrengen, wat ons doet vermoeden dat het geluid voornamelijk
onstaat door de resonantie van een holle bovenkamer.
Aangekomen in Ubud gaat, zoals gewoonlijk, iedereen op jacht naar
een onderkomen dat aansluit op zijn budget en hygienische eisen. Door
het grote tekort aan touristen, door de negatieve publiciteit over
Indonesie, is er een ruime keuze aan accomodatie. Antwerpse Natalie
loopt nog wel even paniekerig rond als zij het vermoeden heeft dat zij
een kamer moet delen met het australische koekoekskind. Gelukkig helpt
behulpzame Neil haar uit de brand, zodat beiden in
gescheiden residentie nemen in een 500 meter verder gelegen
hotel. Marvin en Felies vinden een zeer nette kamer midden in een
rijstveld.
's Avonds op jacht naar een goedkoop eettentje in Ubud, na
verschillende opties te hebben overwogen belanden we uiteindelijk in
een luxe ethablisiment met schappelijke prijzen. Elastische Neil ondekt
dat hij het bolletje rijst, dat wordt opgediend bij de 5 stokjes sate
waarvan het aanwezige vlees de omtrek van de stokjes verdubbeld, in
eenmaal tot zich kan nemen. Hongerig maar tevreden gaan we naar bed.
Een nieuwe dag breekt aan en als zo vaak tijdens onze trip, nemen
we geen genoegen met onze eerste kamer en verhuizen naar een andere met
een weids uitzicht over de omliggende rijstvelden. Hierna huren we twee
fietsen en gaan op excursie door het idylische Ubud. Op het moment dat
wij net peniciline aanschaffen voor het luttele bedrag van $ 40,00
inclusief 5 minuten telefonisch advies twv. $10.00, komen we twee oude
bekenden tegen. Een pools stel dat wij zijn tegengekomen in Sulawesi.
We worden uitgenodigd om wat te drinken en slaan deze uitnodiging niet
af. Onder het genot van een biertje keuvelen we over de mogelijkheden
die Bali bied op het gebied van meubels, handgemaakte dekbedhoezen,
buffelhorens die je aan de muur kunt hangen en alcoholische dranken in
flessen waarin zich dode cobra's of schorpioenen bevinden.Tien halve
liters indonsies bintangbier later, spreken we af in het restaurant "
The Dirty Duck".
Als wij aankomen bij het hotel voor een snelle douche, maken Neil
en Nathalie zich net op voor een avondje balinesische dans, af te
sluiten in de plaatselijke reggae bar. Fietsend begeven ze zich op weg,
waarbij ze Demo de keuze geven hun lopend te volgen. Uit sociale
overwegingen geeft Marvin aan dat wij te vinden zijn in "The Dirty
Duck", niet beseffende dat dit restaurant zich aan de andere kant van
de stad bevind.
Een korte introductie van onze Poolse vrienden is hier nu op zijn
plaats: zijn naam is Slawomir,hij is 1.85 meter, heeft gemillimeterd
blond haar, draagt hippe camouflage kleding, zijn bovenarm is voorzien
van een 3-demensionale tattoeage en hij is niet te beroerd een ander te
helpen of van informatie te voorzien over de meest uiteenlopende
onderwerpen.
Haar naam is Betti, is 1.70, heeft half lang bruin haar, is
gekleed in een zelfde soort outfit en is voor iedereen te vinden in de
schappen van de Lidl en de Aldi, alwaar zij de doosjes van het
huismerk damesondergoed versierd. Zij heeft een motoriek van de
oude poolse landadel en een even zo grote kooplust.
Op Sulawesi kwamen wij ze tegen ploeterend tussen de plassen bloed
van de net geslachte buffalo's of zagen ze zitten in een krijsende en
overenthousiaste menigte gokbeluste indonesiers tijdens de cockfight.
Na een avondje goed te hebben doorgezakt, waarbij de taalbarriere
werd geslecht door een hakkelig duits en een uitgekleed engels werden
we door de alcohol roes vrienden voor het leven.
Zie hier de basis voor onze hernieuwde kennismaking.
Precies om 8.30 ontmoeten wij elkaar voor de ingang van de 'dirty
duck". Lopend tussen het met fonteinen en varens versierde
restaurant, nemen we het gesprek dat we die middag hadden gevoerd weer
op en bestelden we de huisspecialiteit, je raad het al, 'dirty duck'.
Dertig minuten later, terwijl het ritme van de middag hebben
hervonden, worden we wreed onderbroken door ons koekkoekskind dat
druipend van het zweet plaats neemt aan onze tafel.
Beducht voor zijn lange monologen geeft Felies haastig aan dat ons
gezelschap alleen in het Duits converseerd. Dit is voor Demo echter
geen probeem beweerd hij, want naar eigen inzicht beheerst hij deze
taal, net als het Nederlands, als zijn tweede taal. Het nederlands is
hij echter verleerd op het moment dat hij 3 jaar geleden tijdens een
rondreis door Europa de grens overstak.
Het blijkt een meesterzet van Felies, ons samenzijn word de rest
van de avond alleen nog onderbroken door een stamelende 'wie hast' en
'wo bit' waarbij deze woorden zo zacht worden uitgesproken dat het
geluid nauwelijks boven de 10 meter verder liggende fontein uit kwomt.
Hoogtepunt van de avond is een uiteenzetting over het braden van
een 'ente' door onze poolse vriendin. Met veel gevoel voor drama
brengt zij de wachtijd tussen het omdraaien van de eend tot
uitdrukking door met haar vingers ritmisch op de tafel te tikken
ondersteund door de duitste woorden 'und warten'....., 'und
warten'...., 'unt warten'...,.
Deze woorden zouden ons de komende dagen nog vele malen
achtervolgen,zij het nu uit de mond van ons, niet meer bezweette, maar
riekende koekoeskind.
Op de derde dag van onze tour rijden we naar MT.Batur, een vulkaan met een grote vallei en een meer.
De rit hier naartoe is er 1 die door de bergen voert en
het is weer een staaltje rijkunst van Marvin. Het ene moment prima
zicht, het volgende moment rijd je in de dichte mist en regen; lampen
aan en stapvoets rijden!
Aangekomen in het toeristische gebied (de bewoonde wereld op Bali)
worden we meteen belaagt door knulletjes op scooters ( where you going?
I have good geusthouse, follow me!) die ongewild voor ons uit gaan
rijden om ons hun plekje in te loodsen. Wij weten echter allang waar we
naartoe willen en rijden vrolijk door als ze druk gebaren 'hier is het
guesthouse !!'
Neil heeft ondertussen ook een nieuwe truck ontwikkeld om
agressieve verkopers van Sarongs, beeldjes, potloden, noem maar op, van
onze auto te weren. Hij zet een debiel gezicht op en begint te loeien
als een zwangere koe op het moment dat de koopwaar door het raampje
worden gestoken. Het werkt! Ze gaan ervandoor.
Aangekomen bij het guesthouse van onze keus begint het nu al
gebruikelijke onderhandelen over de prijs van een kamer. Neil is hierin
een ster en speelt het spel goed (hij heeft er zelf ook erg veel lol
in).Het duurt niet lang of hij heeft een flinke korting voor elkaar,ook
voor ons ,alleen zijn wij niet tevreden met de kamer i.v.m smerige
lakens. Wij gaan dus in hotel ernaast dat naast ons bungalowtje (waar
Neil weer voor een aardige korting heeft gezorgd) zeer luxe kamers 100%
leeg heeft staan maar daar komen we niet in. Daarvan kan geen korting
af en men heeft dus geen klandiezi. Je vraagt je af hoe het in
hemelsnaam toch open kan blijven het gehele jaar rond.
Het enige wat hier te doen valt is de vulkaan beklimmen en de
zonsopkomst boven de vallei te bewonderen. Dit betekent om 4 uur
beginnen met lopen en vanaf moment 1 is het voor Marvin duidelijk dat
hij dit tripje overslaat. Felies wil wel mee en krijgt de opdracht dan
maar veel foto's te maken voor het geval dat Marvin iets mist.
Om vier uur de volgende ochtend staan we klaar met onze gids om te
vetrekken. We hebben gelukkig allemaal een eigen zaklamp want ondanks
de bijna volle maan heb je deze dus echt wel nodig tegengesteld tot wat
de verkoper van de gids gisteravond beweerde. Twee lampjes zou
welvoldoende moeten zijn,niet dus.
Aan het begin van de klim is er nog wel sprake van een pad maar
later is dit verdwenen en de laaste honderd meter is het naar
bovenkruipen door het zwarte vulkaanzand en grit. Het is niet makkelijk
en Felies en Nathalie zweten als otters .Ook is Felies haar gezicht zo
rood als een goed gerijpte tomaat wat Neil doet denken aan de trekking
in Laos.
Natuurlijk heeft Demo nergens last van en zorgt ervoor dat hij als
eerste boven aan de top staat te stuiteren en zijn eigen naam met
koekkoesgeluidjes in de krater scandeerd hopend op een echo die wij in
ieder geval niet horen.
Boven krijgen we ontbijt, een dubbele boterham met jam (jammie!)
en een gekookt ei. Dit ei is gekookt in de stoom die vanuit de vulkaan
komt. Overal rond de krater zijn kleine gaten in de grond waaruit deze
stoom naar boven komt.
We kunnen hier ook thee, koffie of wat anders drinken maar zijn
zelf nog voorzien van genoeg water wat een goed idee was omdat de
prijzen op de top van de berg met 400% gestegen zijn t.o.v beneden.
De zonsopgang is mooi en langzaam onder ons ontvouwd zich het
landschap waar door we naar boven zijn geploeterd. Ben ik die berg
opgeklommen??! Vandaar dat het zwaar was!
Na het nemen van 100 foto's of meer lopen we verder langs de
krater waarbij het goed concentreren is op je voetstappen want erin
vallen wil je niet.
Een stuk van de afdaling gaat weer door het zwarte gritzand van de
vulkaan en dit kan je doen met verschillende technieken. Rennend (niet
zo'n goed idee),skieend( dat werkt wel voor een paar meter),op je
hurken (gaat ook even goed) of gewoon voorzichtig. Dat lijkt toch maar
het beste.
Ons aussie is als eerste weer op de volgende ruststop en is zichzelf weer aan het roepen maar krijgt werderom geen antwoord.
Het laatste stuk van de wandeling is best erg mooi. Het blijkt dat
we een groot stuk door het bos hebben geklommen en het zicht op de berg
zelf is indrukwekkend. Felies is toch wel blij dat dat in het donker
niet te zien was want dan was ze vast niet naar boven gegaan, zo'n eind!
Het allerlaatste stuk,100 meter voordat felies Marvin uit zijn
luie bed zal trekken gaat ze toch nog door haar enkel. Moe en niet meer
concentreren zijn hier vast de oorzaken van maar het doet pijn en is
vooral niet leuk. Niet meer duiken,niet meer lopen dat is de eerste
gedachte die boven komt.
De laatse weken van onze trip...grrrrrrr!
Na de berg wordt het tijd weer richting kust te gaan. Onderweg
hier naartoe, wat trouwens ook weer prettig rijden is: 3 keer verkeerd,
mist en regen ,Balinees verkeer, passeren wij de grootste waterval van
Bali.
Tja, als je er toch bent laten we dan maar kijken is de algemene stemming.
Dus reden we twee kilo (zoals de indonesiers lengtematen aangeven) naar het westen de berg op.
Deze klim naar boven deed ons belanden op de parkeerplaats van de
waterval,tevens winkeltje en minirestaurant met de specialiteit:
instantnoodles.
Toen Felies inmiddels door Marvin hinkend en dragend aan een
tafeltje gepland was en de instantnoodles in het kokend water stonden
begon het keihard te regenen. Goed voor de waterval natuurlijk,maar
minder voor ons.
Nadat we onze buik met noodles hadden gevuld,Felies naar de wc was
gedragen i.v.m uitglij risico's, Demo had gemologeerd met de locals
waardoor ze dachten dat we allemaal uit australie kwamen, was het
bekijken van de waterval een onderwerp van stemming. Het was vier
tegen1 om de waterval te laten vallen waar hij viel en verder te
rijden. Demo wilde natuurlijk wel gaan,de regen wegwuifend als zwak
excuus en even vergetend dat Felies haar enkele ook een minpuntje was.
In het Nederlands bespraken wij nog even de mogelijkheid hem te
laten gaan en dan snel weg te rijden maar omdat het Nederlands van Neil
niet verder rijkt dan'proooost' en 'ik heb een voertje' (vuurtje dus)
was het moeilijk overleggen en het was natuurlijk ook niet zo erg
netjes,ahum.
We besloten door te rijden naar Amed,een klein plekje met veel
duikscholen en wat bungalowsen een kust van zwart lava zandstrand.
Zodra we de bergen achter ons laten schijnt de zon weer en de rit
naar Amed is immer grade aus wat het moeilijk maakte om te verdwalen.
Aangekomen begint de jacht naar de meest geschikte bungalow weer
en de beste optie qua prijs en kwaliteit verhouding is een guesthouse
met 40 trappen omhoog. Voor ons reisgezeldschap geen probleem maar voor
Felies momenteel een beetje lastig.
Gelukkig vond Marvin de perfecte bungalow aan de overkant van de straat met maar 7 trapjes en balkon aan zee. Niets mis mee.
Omdat Demo geen roepie teveel wil betalen in zijn opinie loopt hij
om 50 cent te besparen het hele dorp af op zoek naar de goedkoopste
slaapplek die er niet blijkt te zijn. Door deze vertraging in het huren
van een kamer zijn Neil en Nathalie gedwongen samen op een kamer te
gaan omdat zij echt niet met hem het bed wil delen. Later blijkt
dat demo echter geen enkel bezwaar zou hebben gehad, om de plek van
Neil over te nemen.
Waarna er in het geruchten cirqui weer berichten rondgaan
dat de geuren die onze vriend afscheid doen denken aan een vuilnisbelt.
De bungalow eigenaar blijkt ook een balineese massage dokter te
kennen die Felies kan helpen met haar voet. Over twee dagen kan ze weer
de 100 meter sprint trekken.
Die avond ligt ze dus een uur op de pijnbank van de dokter maar
kan daarna wel rustig aan weer wat stappen nemen, omdat Felies en
Marvin samen de voordelen van inodenesische arak ontdekken, wordt er
dezelfde avond al een goede tijd op de 100 meter geklokt.
's Morgens op voor de eerste duik op bali, voor de kust van
Amed, Felies zit met haar voet en ligt kreunend op bed gedeeltelijk
vanwege haar voet, gedeeltelijk vanwege de teleurstelling over het
mislopen van deze duik. Marvin maakt zich op om samen met Demo te gaan
duiken.
Aangekomen bij de duikschool is het eerste dat op valt dat onze
duikinstructeur doof is, wat tot de bekende klanken leid die zo
typerend zijn voor doven die proberen te spreken, dit gecombineerd met
een gebrekkig engels zorgt ervoor dat Marvin er geen idee van heeft
waar hij nou precies gaat duiken.
Het tweede dat opvalt is dat Demo naar eigen zeggen 44 duiken heeft
gedaan, maar niet in het bezit is van een logboek dat dit kan
ondersteunen, de eerste twijfel wordt weggenomen nadat hij zijn
certificatie pas overhandigd aan de dove duikinstructeur. Nadat marvin
het schema laat omgooien naar duikplekken die voor de kust liggen
zoeken we de juiste duikuitrusting bijelkaar en gaan op weg naar het
strand.
Leuk om te vermelden is dat we ditmaal niet in een grootte vissersboot,
of luxe duikpoot stappen, maar een omgebouwde kanoo waar de duikflessen
over de zijkanten heen steken, met de voeten in het water kunnen de
duikers dan plaatsnemen op de overgebleven ruimte.
Nadat we in het water de tanken hebben omgedaan, dalen we af naar een
veilige diepte van 24 meter. wat opvalt is dat Demo wilde gebaren om
zich heen maakt en constant aan zijn masker zit te friemelen, de
geallarmeerde dove duikinstructeur, vliegt er met enkele krachtige
slagen op af en probeert de 106kg wegende aussie te kalmeren.
Ondertussen ligt Marvin rustig achterover met zijn benen gespreid
naar het tafreel, de duikintstructeur neemt hem aan de hand en we
vervolgen onze weg tussen de formaties koraal en vissen. Na 20 minuten
is Demo door zijn lucht heen, en zit marvin nog op 120 bar (Het is een
bekend gegeven dat het verbruik van lucht toeneemt naarmate men meer
beweegt of paniekerig ademt). Doordat de duik zo toch wel erg kort zou
zijn, geeft de duikintructeur zijn tweede regulator (dit is het
mondstuk om de lucht in te ademen) aan onze vriend.
Nou vermoeden we dat het niet bevordelijk is voor je gemoedstoestand,
als je afhankelijk bent van een 50cm lange en 2 cm dikke buis,
verbonden aan een tank van een dove indonesische duikinstructeur,
waardoor je alle bewegingsvrijheid veliest en alleen nog maar zicht
hebt op het 20 meter boven je gelegen wateroppervlak. Desondanks is hij
instaat nog enkele nuttige duiktips door te seinen aan Marvin.
De tweede duik wordt voorafgegaan door een zenuwachtige wandeling
door het restaurant, onze vriend heeft uien gegeten en wijd zijn hoge
verbruik van lucht aan het verschijnsel dat uien gas omzetten in
de maag.
Nadat we 3 meter in het water is afgedaald schiet hij plotseling
omhoog en breekt zijn duik af (de uien !!!!). Lacherig varen we
terug naar het strand, ondertussen maakt onze duikintstructeur gebruik
van het gebaar van "het slappe handje" om aan te geven hoe
hij over deze onderbreking denkt.
De 5e dag brengen we door met nog twee duiken (Felies is nu van de
partij). 's avonds bestellen we samen weer Duck bij een
kleine zelfstandige met alleen een plastic tafel en een aantal
stoelen, maar we worden wel voorzien van balinesche hoedjes en
glazen arak. We sluiten de avond af met een spelletje "asshole
!!"Het gaat te ver op precies uitteleggen wat dit kaartspel inhoud.
Maar de wachttijden tussen het neerleggen van de kaarten worden
opgevuld met een aantal krachttermen, een daarvan; de van onze poolse
vrienden gekopieerde term " und warten, und warten", ondersteund door
de roffel op de tafel.
De volgende ochtend is het oordeel geveld, we rijden terug
naar Kuta om daar uitteleggen dat we het nu toch daadwerkelijk zat zijn
en we met ons vieren verder willen reizen. Zonder uitleg te geven gaan
we op weg. Het lijkt of er volledige radio stilte is afgekondigd tussen
de achterbank vulling demo en de rest van de groep. Op zijn vraag wat
we morgen gaan doen, wordt er door de meiden hardnekkig naar buiten
gestaard en is Neil opeens ontzettend verdiept in de routekaart.
Het resterende half uur kenmerkt zich door het oplevende
rookgedrag van onze ongewenste gast, de achterdeur gaat herhaaldelijk
open, dit doet bij ons het vermoeden ontstaan dat hij nu toch eindelijk
doorheeft hoe zijn kaarten ervoor staan.
Aangekomen in Kuta is het Marvin die het nieuws mag
brengen, duizelig van het slalommen over de Balinesiche wegen, klimt
hij vanachter het stuur en loopt gezamelijk met Elastische Neil
naar het te verstoten koekkoeks kind toe. In een opwelling
besluit marvin dat dit niet het juiste moment is, er staat een
onzeker stuk vlees voor hem dat toch ook wat meer respect verdiend en
noditg hem uit voor het eten zonder een tijd te noemen. Ondertussen
staat Neil met een mond voltanden zijn bekende veel betekende blikken
uittewisselen. Binnen een paar seconden is hij haastig
verdwenen. We ervanuit gaan dat het bij hem nu toch wel
duidelijk is geworden, hij moet de signalen toch herkennen; Zonder overleg naar Kuta gereden, geen
woord gewisseld, ondersteund door de non verbale communicatie toen wij de auto uitstapten.
We
boeken dus de eerste kamer die we kunnen krijgen, zodat we onze weg de
volgende dag kunnen vervolgen. 's Avonds eerst nog even een hapje eten.
Opgelucht maar een beetje onzeker lopen we door de straten
van Kuta, af en toe worden we opgeschrikt door het geluid van een
brommer en kijken angstvallig achterom. Tijdens het eten spelen we
kaart, het spelletje" asshole!!" ( wat trouwens lang niet zo leuk
blijkt te zijn met zijn 4 en).
Terug
naar huis, volkomen gewend aan het geluid van de vele brommers die er
in Kuta blijken te zijn, klinkt er plotseling achter ons... een korte
tuut, met daarna " He guys I was looking all night for you
!!" . Felies springt geschrokken opzij volkomen genezen van haar
gekneusde enkel, elastische Neil kijkt met grote ogen verbaasd om zicht
heen en Nathalie zoekt dekking in de schaduwen van de nacht.
Marvin
herrinert zich de zin die hij die hij de hele weg naar Kuta heeft
gereperteerd en roept snel " We are going to travel with the for of us
!! ".
Epiloog:
De volgende dag stond Demo
weer gewoon voor de deur, de boodschap was begrepen alleen wilde hij
nog wat foto's hebben van onze gezamelijke trip.
Nou zijn we
nooit te beroerd om iets te delen, maar ditmaal hebben we ons er
gemakkelijk van afgemaakt. We hebben hem het adres van onze website
gegeven, dit adres dus..... En voor het geval dat hij het nog niet door
heeft..............:
|
|
|
 |
 Sulawesi
media
|
20 Juni 2005 | 08:22:18
 |
20 juni
Een paar dagen geleden zijn we vanuit Sulawesi teruggevlogen naar Bali,een wereld van verschil.
Het plan was om wat langer in Sulawesi te blijven dan we hebben gedaan maar dat had zo zijn redenen.
De togean islands hebben we helaas niet bezocht. De veerboot naar
deze plek vertrekt 1 keer in de week en of je ook weer bijtijds terug
kan is nooit zeker. Ook de bomaamslagen in centraal sulawesi was
een reden om van dit plan af te zien.
Gelukkig hebben we wel fantasich gedoken in het noorden van Sulawesi.
Vanuit Bali zijn we naar Manado gevlogen, een stad
wat vroeger een typisch nederlands koloniaal uiterlijk had maar daar is
niet veel van over.Dit heeft te maken met een aardbeving begin vorige
eeuw en daarna is het helaas niet meer opgebouwd. Duidelijk was dat de
mensen hier niet zo gewend zijn aan toeristen want men keek de hele
tijd naar ons. Als je dan een glimlach geeft kreeg je die meestal wel
weer dubbel terug maar toch is het verschil groot met de rest van de
indonesiers die we hebben ontmoet.
Vanaf het
vliegveld werden we door een zeer vriendelijke taxi chaufeur naar
manado zelf gebracht, nog helemaal in de touristische en vriendelijke
Bali sfeer. Eerst heb je altijd de gebruikelijke gereserveerdheid,
zeker als iemand bijzonder vriendelijk is. Je checked zijn kleding
(geen dure horloges), hoe ziet de auto eruit, klopt het advies dat hij
geeft, welke kant rijdt hij op. Maar... door zijn snelle en vloeiende
engels had hij ons al gewonnen, wat bijzonder op viel was zijn goede
adviezen en hij zorgde ervoor dat we een dollar (jawel !!) goedkoper
uitwaren op het vliegveld door ons op slinkse wijze langs de
taxicentrale te loodsen. Dit zijn centrales die je geld vragen
voor het aanwijzen van een taxi...
Maar
goed wij onderweg naar ons, door de lonely planet "highly recomended"
hotel, slaat hij rechtsaf, altijd weer dat gevoel van.... mmm
gaat dit wel goed, volgens de lp moet je toch echt rechtdoor. Een
beetje zenuwachtig accepteer je dan toch maar dat het een "short cutt"
is en je wuift je twijfels weg. Dan slaat hij weer rechtsaf en
plotseling bevind je je midden in een sloppen wijk, met een straatbeeld
voornamelijk beheerst door plastic zakjes in overwegend grijs, blauwe
en bruine kleuren als decoratie voor veelal in lompen geklede
inlanders. Je denkt dit hebben we al zo vaak eerder gezien, we zijn dit
gewend, niks aan de hand en je stuitert vrolijk door over de plotseling
onverharde wegen richting je geplande bestemming.
Aangekomen
stappen we uit de auto en waar we door een rijtje mannen je
nadrukkelijk blijven aanstaren en nastaren. We lopen een beetje
onwennig naar de receptie, vragen de prijzen voor een superieur room,
deluxe room, super deluxe room en besluiten voor de Super de luxe
room te gaan. Onze taxi chauffeur wisselt een paar woorden met de
receptioniste en zie daar.... we krijgen zomaar onmiddelijk weer $ 2.50
korting. Onderweg naar de Super deluxe wordt felies haar achterste
nadrukkerlijk en zonder gene geobserveerd door groepjes mannen die zich
op plateautjes bevinden tussen twee trappen die naar een nieuwe
verdieping leiden. Aangekomen bij de Super de luxe room, kijken we
volverwachtting naar binnen, of ons daar marmeren tegels, mooie
zeezichten en een complimentair stukje zeep verwachtten. Maar niets van
dat alles, onze eerste indruk wordt bepaald door een muffe penetrante
geur die onze lege magen doet omkeren. We kijken verder en zien geen
marmer tegels maar een vergeelde badkamer, zien geen zee, maar een
blinde muur en he stukje zeep glipt weg in een van de spleten tussen
het tapijt. Dus wij vriendelijk bedanken, haastig langs de
verschillende groepjes mannen, die nu hun gele tanden laten zien,
bedanken en vragen of onze chauffeur ons mischien toch maar naar de
haven kan brengen zodat we vanavond in een van de dure resorts kunnen
overnachten op bonaken eiland aan de overkant.
Wij
naar de haven (geen pieren, maar hoog kade randen, waardoor je op de
boot moet springen in plaats van lopen), blijkt de boot 10 minuten
eerder vertrokken te zijn. Angst grijpt ons en we kijken met
volverwachtting naar onze chauffeur, waarvan we nu toch wel heel
afhankelijk zijn geworden willen we dit oort dezelfde dag nog verlaten.
Maar
geen paniek, er is nog een andere boot die wel niet naar bunaken gaat
maar een eiland er een beetje naast, mischien kan hij regelen dat we op
bunaken afgezet worden. We worden naar een winkel gelijd (is dit een
loket van een publieke boot denken we nog) waarachter zich een oude
schuit bevind die ons wel wil brengen.
Na
ons weer $5,00 te hebben bespaart nemen we afscheid van onze geliefde
chauffeur en geven hem twee keer het afgesproken bedrag uit
dankbaarheid. 45 minuten later zijn we onder het toezicht van 16 paar
geinterseerde bewoners van het buureiland van bunaken, waar men nog
nooit een tourist heeft gezien onderweg naar ons luxe resort.
Manado was dus niet echt interessant.
Op dit eiland zitten twee duikscholen en na eerst een nacht bij de
verkeerde duikschool te hebben geslapen ( verkeerd om de hutjes wel erg
basic waren,de zonsondergang al om 5 uur begon omdat hij aan de andere
kant van het eilandje ondergaat en er was absoluut niets te doen)
hebben we ons de volgende ochtend door de andere duikschool laten
ophalen. Dit is een gratis service want het is niet te belopen in de
hitte met bepakking.
Op het eiland is niets anders te doen dan duiken,eten en lezen en
dit is dus ook wat acht dagen daar hebben gedaan. Het duiken was
echt schitterend.
We hebben hier zogenaamde 'walldives' gedaan. Dat wil zeggen dat
het rif op 1 bepaald punt stijl naar beneden gaat en je dus langs een
muur van koraal duikt. In het koraal lagen grote zeeschilpadden te
slapen wat een schitterend gezicht was. Vooral als ze wakker werden en
wegzwommen! Verder hebben wij hier veel wittip en zwarttip haaien
gezien. Maximale grote van deze beesten is ongeveer een metertje of
twee maar ze zijn totaal ongevaarlijk. Wel leuk om te zien natuurlijk!
Na
8 dagen waren we toch wel klaar hier,ook omdat weer alle meegenomen
boeken uit waren,en zijn we terug gevlogen naar Makassar,de hoofdstad
van Sulawesi in het meest zuidelijke puntje.
Ons
plan was om naar het gebied Tara Toraja te gaan, een streek in zuid
Sulawesi waar oude tradities nog volop leven. Wel is dit gehele bied
met name protestant,dit weer te danken aan de Nederlandse misionarissen
die idrect na het leger Toraja binnetrokken.
Op het
vliegveld van manado hebben we ons het mooiste hotel van makassar aan
laten praten (met 50% korting weleenswaar) en hier hebben we twee
nachten gezeten. Erg fijn om weer wat luxe te hebben!
Toen
hebben we ook besloten om voor een keertje niet eens moeilijk te doen
en Tara Toraja te bezoeken met een auto,chauffeur en gids. Alles
inclusief en we hoeven ons nergens druk om te maken. Na wat
geonderhandel waar vooral Marvin zich van zijn beste verkopers kant
laat zien zijn we een prijs overeen gekomen en de volgende dag
vertrokken.
De gids, Johan, was een goede keus. Hij wist erg
veel te vertellen en liet de auto ook vaak stoppen om van de
plaatselijke gebruiken,vruchten en gedroogte vissen en uitzichten
te genieten.
Na ruim een dag rijden kwamen we 's avonds aan in Rantepau waar we een hotelkamer aan het rijstveld hadden.
Voor
de mensen in Tara Toraja waren er duidelijk betere tijden geweest want
men heeft hier veel geinvensteerd in hotels en zelfs resorts maar
helaas nu zijn er erg weinig toeristen. Ze waren dus ook erg blij met
ons,zo blij dat je je schuldig voelt als je eens een avond niet in hun
restaurant eet. maar ja...
Eén van de zeer
belangrijke tradities in toraja is de begrafenis. We hadden geluk want
toevallig was er eentje en konden wij die bezoeken.
Nou is
het de gewoonte dat voor de overledene ,die zijn tweede wereld betreed
na de dood, buffalo's en varkens worden geslacht. Hoeveel buffolo's is
afhankelijk van de sociale klasse van een familie. Onze begrafenis was
een lage-middel klas begrafenis. Er werden negen buffalo's geslacht. De
prijs van een gewone buffalo ligt tussen de 400/500 us dollar. De
witte,zeer zeldzame buffalo,kan weleens 4000 tot 5000 euro kosten! Bij
een begrafenis van de hoogste sociale klas komt het voor dat men
minimaal 24 buffolo's slacht waaronder zeker 1 witte. Je kan nagaan wat
een druk deze traditie legt op het inkomen an de mensen in deze streek.
Men
moet ook een tijdje sparen voordat er begraven kan worden en dat houd
in dat het lijk soms wel 2 jaar in balsam wordt gehouden,tegenwoordig
doen ze dat met injecties.
Ons lijk , de overlendene dus, was zo'n 11 maanden dood.
Toen
wij arriveerde met Johan (gelukkig!) waren de buffalo's al van hun huid
ontdaan maar toch was het lekker bloederig. Het hele dorp komt ook
langs en brengt offers mee. Dit zijn m.n varkens,hoe groter hoe beter
en er wordt veel palmwijn uit bamboe gedronken.
De varkens
leefde nog wel en dat was nogal een herrie als ze het bos mee in
werden genomen om te worden geslacht. Daarna worden ze geroosterd om de
haren en de huid kwijt te raken.
Als het vlees worden onder de dorpelingen verdeelt. Het beste vlees gaat naar de chief van het dorp en zo krijgt ieder wat.
Alle
gasten,wijdus ook, zitten in tijdelijke tribunes gemaakt van bamboe. De
VIP's (dorpshoofd) hebben hun eigen tribunes op de mooiste
plek.
Achetraf waren wij op tijd weer vertrokken en
hebben we geen vlees gegeten. Dit overkwam wel twee poolse/duitse
reizigers die we in toraja elke keer weer troffen en die zeiden dat het
nogal smerig was. Maar weigeren kan natuurlijk niet!
De
mensen in deze streek hebben zo ook verschillenden manieren om de doden
op te bergen. Niemand gaat hier de grond in maar wordt begraven in een
grot,in de rotsten (men hakt vierkante kubike meters uit om mensen in
te leggen) of in een speciale tomben. Dit is ook weer afhankelijk van
de sociale klassen van een familie.
We hebben aardig wat schedels en botten gezien in zes dagen tijd!
Een
ander uitstapje wat we hebben gemaakt, maar niet minder bloederig, was
een naar een hanengevecht. Officieel illigaal in indonesie maar het
wordt oogluikend toegestaan en ieder doet er aan mee.
Dit
is ook een manier voor de familie die net iemand heeft begraven,weer
wat te verdienen. Op de tijdelijke tribunes zitten nu de gokkers en in
het midden is een kleine arena gemaakt voor de hanengevechten. Het
gevecht gaat door totdat er eentje dood is en als ze allebei neervallen
is het gelijkspel. Tja, het was enorm hektisch,moeilijk foto's maken
maar we hadden wel 40 000 roepies gewonnen.Yes!
Na
zes dagen schedels,dooien,bloed en veel gezing van onze gids Johan was
het wel genoeg geweest en zijn we terug gegaan naar Makassar.
Daar
verbleven we in hetzelfde mooie hotel met zwembad en dit keer ook
gratis viergangen diner voor dezelfde prijs. We hadden een dag
uitgetrokken om ford Rotterdam te bekijken maar van de Nederlandese 350
jaar kolonisatie was niet veel meer te zien. In het museum was er wel
geteld één zin aan gewijd.
De volgende dag zijn we 's
ochtends terug gevlogen naar Denpasar,Bali. Daar hebben we Neil uit
Canada, eerder bekend vanuit Laos, weer ontmoet en het plan opgevat een
auto te huren om onze laatste twee weken op Bali nog wat meer te zin.
Op dit moment zitten we in Ubud en vertrekken zo naar een vulkaan met ,naar wat men zegt,de grootste krater ter wereld.
We zullen het zien!
Nog even genieten dus...
Groetjes!
Felies en Marvin
|
|
|
 |
 29.05.05 Bali
media
|
30 Mei 2005 | 07:15:44
 |
29-05-2005
Hallo Allemaal,
Het is een enorme tijd geleden dat we geschreven hebben, tenmiste zo lijkt het. Vorige week hebben we vanuit Bali een verhaal geschreven maar we komen er nu net achter dat die nooit op de weblog terecht is gekomen. Ahum, foutje.
De internet verbinding hier op Bali is niet echt geweldig maar we zullen nu proberen wat meer op de website te zetten, we hebben nu een wat snellere verbinding gevonden, zodat er weer wat foto's te bekijken zijn.
Maar goed,wat hebben we allemaal gedaan de afgelopen tijd.
Vanaf Jarkarta hebben we de trein genomen naar Yogjakarta. We hoopten tijdens deze reis een prachtig uitzicht te hebben over de rijstvelden van Java en dat was ook zo maar alleen als je op de wc ging staan. Daar zat nl. geen raam in,ha,ha!
De ramen in onze coupe waren zo smerig dat alles grauw en grijs leek, wat natuurlijk niet zo was. Toch was het een leuke treinreis en kwamen we 's avonds aan in Yogja. Zonder teveel moeite hebben we daar een leuk hotel gevonden,met zwembadje wat wel lekker is na een dagje in de stad.
De hitte valt in indonesie wel mee. Het is hier wel warm maar minder vochtig dus niet zo benauwd.
In Yogja hebben we het paleis van de Sultan bekeken. Deze man woont er nog steeds,hem hebben we niet gezien maar wel zijn bedienden en de reliquieen die hij en zijn voorgangers hebben verzameld,o.a een oorkonde van onze Bea. Ook veel andere dingen die doen herinneren aan de tijd dat de Nederlanders regeerden in Java.
We zijn een dag of zes in Yogjakarta gebleven en hebben onder andere een uitstapje naar de Borobudur gemaakt. Nu hebben we alle hoogtepunten qua tempels in Zuid Oost Azie gezien en eerlijk gezegt is dat ook wel genoeg.
De Borobudur was mooi maar jammer was het circus erom heen. Zodra wij een voet op het terrein zette kwam er een verkoper naar ons toe met zijn beeldjes en andere spullen. Erg vermoeiend want in eerste instantie wil je vriendelijk blijven maar we hebben nu wel door dat dat niet werkt want dan kom je er niet meer vanaf. Uiteindelijk hebben we maar wat gekocht om van hem af te komen maar vanaf toen zijn we duidelijk en resoluut naar standvastige verkopers: 1 keer nee zeggen en dan negeren. Zo doen de indonesiers het zelf ook.
Onze tweede stop in Java was de indrukwekkende vulkaan Bromo en zijn de hoogste vulkaan van Java,de Merapati als ik het goed schrijf uit mijn hoofd.
De reis naar het kleine dorpje vlak bij Bromo was weer even afzien. Ongeveer 11 uur in minibusje waar Marvin en ik nou net even niet de beste plaatsen in hadden,nl voorin. Dit betekende ook dat we goed zicht hadden op het tegemoed komende verkeer en eigenlijk wil je dat niet.
Daar zo de hele dag rijdend op tweebaanswegen (een voor links en een voor rechst) besef je dat Java inderdaad heel dichtbevolkt is en dan men een behoorlijk flink zenuwstelsel moet hebben om in dit verkeer te kunnen rijden. Inhalen is een must anders kom je niet vooruit maar....af en toe hielden we onze ogen dicht. Onze chauffeur scheen er weinig last van te hebben behalve dat hij na een uurtje of 6 rijden een soort van zenuwtikken begon te krijgen maar daar besloten we maar niet op te letten.....
Al met al kwamen we'savonds aan bij het dorpje aan de voet van de bromo vallei. Daar was het inderdaad zoals ons verteld was koud. Dat wil zeggen tussen de 5 en 10 graden. We stapten uit het busje en het eerste wat er gebeurde was dat er een mutsen en sjaalverkoper voor onze neus stond met zijn tekst:'Bromo?'
Daar wij die ochtend om 7 uur op waren besloten we eerst een dagje uit te slapen voordat we de zonsopgang vanaf de Mt. Penanjakante bekijken. Dit is nl. ook het enige wat er in deze buurt te doen valt. Wij hoopte op een relaxdagje maar we hadden het vnl. koud. We hebben ook niet echt de kleding in onze rugzak voor deze temperaturen,maar goed.
De volgende ochtend stonden we om 4 's ochtends te wachten op de jeep die ons naar de piek van Penanjakan zou brengen.Ondertussen probeerde weer iemand ons een muts te verkopen ('bromo?'). Om 4.15 kwam hij eindelijk (Felies kreeg het al op haar zenuwen dat we vergeten zouden worden omdat ondertussen de ene na de andere jeep voorbij schoot) en daar stonden we dan in het donker te wachten op de zon.
Het was ronduit schitterdend. Het landschap rond de bromokrater en de vulkaan op de achtergrond die om de tien minuten rookt spuwt is onrealistisch mooi.
We zijn blij dat we voor een keertje echte vroege vogels waren want dit hadden we niet willen missen.
Weer terug in ons hotel was het snel ontbijten,inpakken en wegwezen op weg naar Bali.
Weer een dag van minibus,grote bus (met deze keer de beste plekken,mag ook weleens een keer!),daarna op de veerpont en daarna nog een stuk met de bus,een taxi en 11 uur na vertrek uit Bromo waren we in Kuta, de toeristenplek van Bali. Tijdens de reis hadden we kennis gemaakt met Frank waarmee het goed klikte en met hem hebben we de afgelopen 12 dagen rondgehangen.
In Kuta was het heerlijk weer onder de mensen te zijn en dus zijn we de eerste avond wat gaan drinken wat (natuurlijk,ahum) een latertje werd. Daarna kost het weer een dag om bij te komen en zo gaat de tijd wel snel voorbij!
Na drie dagen zijn we vertrokken naar Lombok,wederom een dag reizen omdat we met bus,boot,bus,bootje gingen. We zijn vanuit Lombokmeteen doorgegaan naar Gili Trawangan, een piepklein eiland ten noorden van Lombok.
Daar hebben we tien dagen genoten van zon,zee en duiken. Elke duik hebben we wel grote schilpadden gezien en om de duik een haai (de wittip haai,ongevaarlijk in principe).
Feestjes doen ze ook aan dus we hebben nog een fullmoonfeestje meegepakt wat erg goed was :) . Dansen tot de zon op gaat en daarna lekker slapen!
We hadden een prachtge bungalow op het eiland met aircon en dat is wel fijn als je slapen wilt!
Nu weer terug in Kuta (deze keer vliegen,25 minuten en maar 10 dollar duurder,als we dat eerder hadden geweten..!) hebben we de tijd eindelijk deze website bij te werken.
31 Mei vliegen we vanaf hier naar Manado, Sulawesi.
Daar zullen we eerst richting de Pulau eilanden gaan en daarna via Gorontalo ( een stad met nog veel nederlandse invloeden) afdalen naar de Togean islands.
Hoe de internetverbinding daar zal zijn, we hebben geen idée. Het zou goed kunnen dat het weer even duurt voordat er nieuw materiaal verschijnt dus voorlopig moeten jullie het hier maar mee doen!
Groetjes uit Bali !
Marvin en Felies |
|
|
 |
 7 mei Jakarta
media
|
06 Mei 2005 | 16:46:19
 |
7 mei Jakarta
Het is al weer een tijdje terug dat we wat heben geschreven dus hoog tijd voor een bericht.
Ons
visum voor Indonesie was geen probleem en als we willen kunnen we hier
60 dagen blijven. Dat kan makkelijk want er is ontzettend veel te zien.
Maar eerst even de afgelopen week.
Na
onze aankomst in Bangkok zijn we doorgereisd naar koh Tao,dezelfde plek
waar we twee jaar geleden besloten dat we een lange reis wilde gaan
maken. In die twee jaar was er wel al weer wat verandert. Een paar
nieuwe supermarkten (de 7-11 keten,24 uur open) ,wat nieuwe
pinautomaten en prijsafspraken onder de duikscholen. Dat viel tegen
maar met wat heen en weer gepraat konden we met korting duiken met onze
oude duikschool.
We hebben aardig wat gedoken in een week en
weer de whaleshark gezien. Dit keer waren er twee, eentje van bijna 3
meter en een hele grote 9 tot 10 meter. We hebben ze drie keer over ons
heen zien zwemmen,een machtig gezicht. Helaas waren we te diep (27
meter) om dichterbij te komen maar het was evengoed erg mooi. we ook
een matra gezien voor het eerst, een soort ruimteschip wat zich over de
bodem van de zee beweegt. :)
Ondanks de mooie duiken hadden we koh Tao
snel gezien ( dat heb je als je ergens al geweest bent natuurlijk) en
zijn we 1 mei weer terug gegaan naar Bangkok. Daar moesten we nog wat
dingetjes regelen maar gelukkig konden we gisteren vertrekken naar
Jakarta met het vliegtuig. Dus niet over land via Maleisie zoals eerst
het plan was. Dit komt mede ook omdat de overheid van Indonesie vereist
dat je een retourticket kan laten zien dus vliegen was de beste optie
(en ook lekker snel!).
We hadden een tussenstop in
Singapore,wat een stad! (vanuit het vliegtuig :) ).Nog nooit zo'n luxe
vlieghaven gezien! Helaas was de stop maar een half uurtje, net niet
genoeg tijd om een laptop te kopen,ha,ha (Singapore schijnt de
voordeligste plek hiervoor te zijn ,maar wie weet op de terugweg...)
Om
acht uur in de avond landde we op Indonesiese bodem,iets minder warm
als Bangkok en onder de evenaar. Zo ver zijn we nog niet geweest!
De
eerste indrukken van Indonesie zijn erg positief. De mensen zijn
vriendelijk, de taal kun je lezen (ook wel eens fijn) en we merken dat
het nu ook makkelijker is om wat meer van de taal te leren . Grappig is
ook dat een aantal woorden erg overeenkomen,zoals asbak,permisie
(pardon),bon (rekening),kantor,wc,nasi,ha,ha.
We zijn
ook al verschillende keren in het Nederlands aangesproken door
Indonesiers. Op het treinstation kwam iemand ons helpen een kaartje
kopen wat hier wat anders gaat dan thuis. Je moet zelf een bon invullen
waar je heen wilt en met welke trein,je naam etc.
Verder zijn we vandaag zijn we Jakarta ingetrokken op zoek naar
oud Nederlandse glorie en die bestond nog in de vorm van het
'batavia-cafe',prachtig gebouw met super de luxe eten. We waren bang
dat het wel erg duur zou zijn,wat het vast is voor Indonesiese
maatstaven,maar het viel ons alles mee.
We wilde ook nog een
kijkje nemen bij de oude VOC werf maar dat werd een wandeling die de
sloppen van Jakarta leek in te gaan dus daar zagen we na honderd meter
maar vanaf en hebben we een taxi terug genomen door het enorme drukke
verkeer hier. Een stad met 10 miljoen inwoners maar gelukkig is alles
hier eenrichting verkeer anders zou het vast een enorm zootje
zijn,zoals in Cambodja het geval was.
Morgen nemen we de
trein naar Yogyakarta in centraal Java. Deze stad is het culturele
centrum van Java en ligt vlakbij de Borobudur.
We
hebben veel zin in deze reis en zullen ,als we genoeg materiaal hebben,
snel onze weblog weer bij werken met foto's en meer verhalen.
Tot zover,
Daag! (Indonesies voor dag)
|
|
|
 |
 Laos
media
|
17 April 2005 | 09:58:59
 |
17 April, Bangkok
De laaste anderhalve week in Laos zijn voorbij gevlogen.
Zoals we al schreven namen we de boot naar het noorden van Laos
maar zijn meteen een stukje noordelijker gegaan naar een dorp wat
alleen per boot is te bereiken. Al met al duurde deze reis geen zeven
uur maar negen uur en dan ben je behoorlijk gaar met het geronk van de
motor en de mensen die in en uit stappen bij elk dorpje. We hadden de
kippen op schoot (letterlijk en figuurlijk).
Aangekomen in Ngoi Neua was het moeilijk een hutje te vinden
wat naar onze standaarden voldeed dus de eerste nacht sliepen we in een
bamboe hut met muskieten net (gelukkig wel!) , de wc was ergens
verderop en de douche bestond uit een kraantje met een slang eraan.
In Ngoi Neua is na 9.30 geen elektriciteit dus wat waren we
weer blij met onze lampjes ( nog harstikke bedankt Rogier en
Marianne,het meest nuttige wat we hebben meegenomen zo'n beetje!).
Toen we 's ochtends wakker werden (felies dacht van de wekker,maar
dat had ze dus gedroomd ) lag er een enorme kakkerlak op ons
muskietennet dus snel wegwezen daar. Felies had de avond tevoren
geregeld dat we in een bungalow met douche en wc terecht konden de
volgende dag dus daar gingen we ontbijten. Toen bleek het pas 7 uur te
zijn, twee uur te vroeg,maar we hadden gelukkig een bungalow waar we
ons prettig invoelen.
Ook was er zo vroeg in de ochtend veel activiteit onder de
dorpelingen want ze zijn bezig een weg te maken. Elke familie aan de
weg heeft de verantwoordelijkheid een aantal stenen en cement te
leveren. In de ochtend en de avond wordt er hard aan gewerkt. 's
Middags gebeurd er niet zoveel,veel te heet om iets te doen!
De eerste dag stond vooral in het teken van uitrusten en niets
doen (wat betekend een biertje drinken, wat babbelen met anderen etc.)
' s Avonds hebben we besloten een trekking van twee dagen te doen samen
met de groep mensen die we al wat vaker zijn tegengekomen.
De trekking bestond uit een wandeling naar de grotten (daarin
heeft de president van Laos en zijn gevolg zich schuil gehouden tijdens
de bombardementen van de amerikanen in de jaren zeventig).Marvin was zo
dapper met een zaklamp de grot in te lopen,hij stond tot zijn nek in
het water toen hij een takje zag liggen maar hij realiseerde zich dat
hij oog in oog stond met een slang. Wegwezen!!! Iedereen kwam in paniek
de grot uit hollen.
Daarna liepen we door
de rijstvelden en de modderpoelen met buffels (die beesten stinken!)
naar een dorpje waar we gingen lunchen.
De bergdorpjes in Laos hebben niets. De huizen zijn gemaakt van
bamboe,soms is er een schooltje. De mensen zijn daar erg arm,dat is wel
duidelijk.
Wij vonden het wandelen best wel zwaar (het was erg heet) maar we wisten op dat moment nog niet wat ons te wachten stond.
De wandeling naar het volgende dorp was er een die vooral uit
klimmen,klimmen en nog eens klimmen bestond. In de hitte, met een hoop
rotzooi op je rug en water viel dat niet mee.
Het landschap maakte daarintegen wel weer veel goed. Prachtige uitzichten over de bergen,heel veel vlinders.
Laos is een prachtig land maar helaas wordt er ontzettend veel
regenwoud verbrand door de bevolking zelf om er rijstvelden van te
maken. Deze velden zijn maar 1 of 2 jaar vruchtbaar en dan verbranden
ze weer een ander stuk bos. Doodzonde,want het zal nooit meer
aangroeien zoals het was. Ook was de lucht erg smokkerig. Op de tweede
dag konden we om 1 uur 's middags de zon niet eens zien door de rook.
Die was als een rooie bol alsof hij al onderging en het regende
kooltjes....
In het tweede dorp,midden in de bergen op een hoogte van ongeveer
1300 meter haden we een overnachting. Als we wilde douchen
moesten we dat doen bij een sroompje waar men d.m.v bamboe een
aftapping had gemaakt. Toen wij aankwamen over het smalle paadje
stonden daar al wat dorpelingen zich te wassen. Dit doet men met zijn
kleren aan dus zo ook wij. Ijskoud water over je heen is heerlijk als
je bezweet en beplakt bent!
Naar het dorpje zelf was het nog een aardig klimmetje dus die
douche was al weer weggezweet. Dan heb je ook in gedachten dat deze
mensen dit elke dag doen en dat ze verder niets hebben dan het bewerken
van hun rijstvelden en eten bereiden.
Wij hadden wat dingen meegenomen,zoals
knikkers,batterijen,schriften en balpennen en hebben dat aan de 'chief'
van het dorp gegeven. Deze "chief" was er een van drie. Midden in het
dorp stond ook een donatiebox. 1 keer in de maand wordt die opengemaakt
en dan besluiten de 'chiefs' en de schoolmeester wat er met het geld
gekocht gaat worden voor het hele dorp.
Foto's maken was niet zo makkelijk. De meeste mensen in Laos
willen liever niet op de foto en de dorpelingen waren ook erg
afstandelijk ( behalve de mensen van het 'guesthouse' en de
chief) maar wel heel nieuwsgierig. De hele avond stonden mensen
naar ons te staren toen we bij elkaar om het vuur zaten en laten in
'het restaurant' waar we gingen eten.
De kip die we daar hebben gegeten hebben we nog nooit zo vers
gehad. We hebben gezien hoe ze de nek om werden gedraaid,vervolgens in
kokend water werden gegooid en toen werden geplukt en klaar gemaakt.
Dit gehele proces van een maaltijd koken neemt wat meer tijd in beslag
dan koken uit een pakje, misschien smaakte het ook zo goed omdat we
ontzettende trek hadden. De kip ging vergezeld met gekookte bamboe en
wat andere blaadjes groenten en veel chilipepers.
Na het eten ontkwamen er niet aan de nationale zelfgebrouwen
rijstenwishky 'lao lao' te drinken en die was behoorlijk sterk.
Ondertusssen staat het gehele dorp mee te kijken over het muurtje van
het restaurant. Toen we ook nog in verschillende talen 'vader jakob'
gingen zingen werd het maar eens tijd te gaan slapen!
Dit keer weer in een bamboehutje met muskietennet en gelukkig met
oordopjes. De helft van de groep heeft niet kunnen slapen vanwege
de ratten op het dak,of onder het huis, een varken wat rond ligt te
knorren onder je bed. Wij hebben er gelukkig niet veel van gemerkt maar
toen Felies 's ochtends haar kussen optilde en er een grotspin
ondervandaan schoot was ze niet zo blij.
Na een onbijt van noodels en pikzwarte koffie begonnen we aan onze
tweede dag die volgens de gids minder zwaar zou zijn. Geen klimmen meer
in ieder geval. Niet dus. We hebben nog wat stukjes moeten klimmen,maar
we heben ook een tijd door een beek gelopen.
Bij een van de stops waren dorpsmensen een aap aan het slachten.
Felies mocht niet kijken van Marvin maar heeft toch een
handje gezien. Tja,als je niets te eten hebt dan eet je ook apen...
De beloning van de gehele wandeling was het aankomen bij de rivier
waar we met zijn allen in doken. Heerlijk koud helder water. Met
een bootje zijn we toen terug gegaan naar ons dorp en de volgende dag
zijn we terug gegaan naar Luang Prabang om op tijd te zijn voor het
boedistisch nieuwjaar.
Officieel duurt dit feest drie dagen(officieus beginnen ze twee
weken van te voren al met water gooien naar met name mensen in een
pick-up). Men gooit water over elkaar heen om je te zuiveren voor het
nieuwe jaar en ook verven ze hun gezicht en gooien ze met
zakken met meel. Dat van dat water dat wisten we (we hadden al wat
bakken over ons heen gekregen tijdens de reis terug naar Luang Prabang
in een pick-up) maar dat van die kolen op je gezicht en het meel
was een verassing.
Wij zagen er niet uit! Als toerist krijg je meestal ook een dubbele lading meel en kolen.
Dat toeristen meedoen aan dit grote feest vinden de mensen van
Laos prima. Zelf hadden we ook twee grote supersookers gekocht en
konden lekker terug schieten. Ook van ons balkon van het guesthouse
hebben we met emmers water staan gooien. Het is een feest van heel veel
vrolijkheid en uitbundigheid.
De tweede dag was er een parade. Aan het begin van de parade
werden de oudste monikken in 'gouden'stoelen gedragen, gevolgd door
monikken die op een enorme trommel sloegen. Daarna een hele stoet jonge
monikken die weer gevolgd werden door kleine meisjes tot volwassen
vrouwen in prachtige klederdracht.
Het meest bizarre was aan het einde van de stoet. Daar liepen de
travestieten,uitgedost in de meest gekke creaties waarvan ze in de
homoparade in Amsterdam misschien nog op zouden kijken (helaas geen
foto van,rolletje was vol!). Homofielie is volkomen geaccepteerd in
Laos,maar hogere functies binnen de regering krijgen is niet mogelijk.
Op het eind van de dag zijn we in een jumbo (auto met laadbak) en
hebben we meegereden met de 'locals'. Dit was erg leuk! We moesten bier
drinken,het ene glaasje na het ander kreeg je in de hand, en we werden
natuurlijk vreselijk nat gegooid overal waar we voorbij reden. Het was
ook een manier om meer te zien van Luang Prabang dan alleen de
hoofdstraat.
Helaas konden we de derde dag van het feest niet meer meemaken
want de 16de moesten we het land verlaten omdat onze visa verliep. Ons
eigelijke plan was om naar Chang Mai te vliegen maar alles zat
volgeboekt tot de 20ste. Dat zou ons veel geld kosten omdat elke dag
extra in laos 10 $ kost. Dus hebben we besloten de bus te nemen (het
was eigenlijk de enige optie) naar Bangkok. We hebben een busrit van 27
uur achter de kiezen waarvan we gelukkig de tweede helft goed hebben
kunnen slapen.
Op dit moment in Bangkok proberen we uit te zoeken hoe het zit met het krijgen van een visum naar Indonesie.
Onze eerste volgende bestemming is Koh Tao (Thailand) en weer eens
wat te gaan duiken. Dat is al weer een aardig tijdje geleden. Vandaar
doorreizen door Maleisie naar hopelijk Indonesie maar dat weten we dus
nog niet.
Veel liefs,
Marvin & Felies
|
|
|
 |
 7 april Luang Prabang
media
|
07 April 2005 | 16:27:36
 |
7 april Luang Prabang
Het zal alweer een week of twee geleden zijn dat we geschreven hebben op onze website dus hoog tijd voor een bericht.
Op dit moment zitten we in Luang Prabang,de tweede stad van
Laos
. Het is een schitterend stadje met veel oude franse koloniale gebouwen,pegodas,vriendelijke mensen en ook een hoop bekenden die we eerder op onze reis in Cambodja en
Laos
hebben ontmoet.
Ook is hier een elke avond een markt waar ze de meest prachtige dingen verkopen maar we houden ons in want we komen hier weer terug over een dag of vier vijf.
Maar eerst even het verhaal vanaf Pakse.
Vanaf Pakse hebben we de nachtbus genomen naar Vientianne. De eerste keer in een bus dat we de ruimte hadden om twee stoelen voor onszelf te hebben en dat was fijn want het was een ritje van een uurtje of tien.
‘s Ochtendsvroeg om zes uur aankomen en dan blijken alle guesthouses dicht te zijn. Tja,daar sta je dan. Op een gegeven moment was iemand zo vriendelijk om gewoon op de deur te bonken,iets waar we zelf niet zo snel aan hadden gedacht te doen. Maar goed, toen hadden we een kamer en konden we gestrekt nog even wat uitslapen.
In Vietianne zelf is niet zo heel veel te doen.
Wel hebben wij de eer gehad twee keer de president van Noord
Korea
en zijn gevolg voor onze neus voorbij zien rijden! (ook geen foto helaas, leek ons niet zo’n goed idee)
We zijn er twee nachten gebleven en zijn toen doorgereisd naar Vang Vieng. Dit was een paar jaar terug een klein dorpje aan de
Mekong
maar is nu wat uit de klauwen gegroeid door het toerisme.
In de buurt van Vang Vieng zijn veel grotten, je kunt er kanoenen en....tuben! Daar hadden wij nog nooit van gehoord maar dat is eigelijk het enige wat we hier hebben gedaan.
Ik zal proberen uit te leggen wat tuben is. Met een pick-up wordt je zeven kilometer ver gebracht en daar stap je in een grote autoband en begin je te drijven in het water. In de Mekong zijn wat stromingen en het
kan
zelfs levensgevaarlijk zijn als je dit net na het regenseisoen zou doen. Nou gevaarlijk was het niet, wel heel geweldig.
Om de zoveel tijd is er een barretje waar je bier kunt kopen of wat je maar wilt (ook lao lao,de nationale ‘whisky’) en kun je van een rots afsrpingen of zwaaien aan een touw en plons: zo de
Mekong
in.
Felies haar favoriet was de schommel. Je klimt op de schommel in het water,vijf man trekken je omhoog (hoger,hoger!!) en dan zwaai je naar voren en duik je in de Mekong. Geweldig!
Foto’s hebben we hier niet van,hert leek ons niet zo’n goed idee onze camera mee te nemen......
Tijdens het tuben en de kampvuren ‘s avonds was het erg gezellig en uiteindelijk zijn we er zes nachten gebleven,ook om een beetje bij te komen.
Ook hebben we de start van de regentijd mogen beleven. Gieten dat het deed! Maar als daarna de lucht opklaarde was het prachtig om te zien.
Laos
wordt groener en dat is mooi.
Onze volgende stop was Luang Prabang waar we morgen vanuit vertrekken.
Gisteren zijn we naar een grote waterval geweest waar we op het hoogste nivo hebben gezwommen. Daar aan het randje hangen en naar beneden zwaaien was wel een ervaring (weer niet gevaarlijk hoor!geen stroming)
In Luang prabang hebben we het erg naar ons zin maar het wordt hoog tijd meer te zien van
Laos
.
Morgenochtend nemen we de boot ( een soort kruising tussen een rondvaartboot en een grote
kano
) en zullen we zeven uur later aankomen in Nong Khiaw.
We zijn plan een dag of vier in het noorden rond te gaan. Hoe weten we nog niet maar het zal een boot of een motorbike worden.
Daarna gaan we terug naar Luang Prabang en zullen we een stukje kunnen schrijven en wat foto’s op de website zetten.
La Kone! |
|
|
 |
 Laos
media
|
23 Maart 2005 | 11:38:32
 |
Op 18 maart zijn we vanuit Cambodja de grens overgegaan naar laos. Van deur (guesthouse in Kratie) tot de volgende deur (bungalowtje in Don det) duurde precies een uurtje of twaalf.
Het is altijd maar goed dat we van te voren niet weten hoe de reis zal verlopen..
Met de taxi voelde we ons erg luxe omdat,zoals we al schreven,er meestal zes tot zeven in proppen en wij waren met z'n vieren.
Nou was de weg naar Strung Teng nog niet af wat betekende dat er dus helemaal geen weg was en de auto om de paar honderd meter af moest wijken om over zandpaadjes te gaan. Niet lekker voor ons (hobbel,hobbel.schud,schud,) maar ook niet voor de auto!
Marvin zat voorin en die zat al te kijken naar het metertje van de motor en die was natuurlijk veel te heet. We zijn vier keer gestopt om water in de motor te doen,godzijdank was er een klein dorpje in de buurt waar we water konden pakken (koelvloeistof hebben ze niet). We hebben vier uur over een reis van drie uur gedaan,dus dat viel nog wel mee.
Aangekomen op bestemming was het eten en op weg naar de speedboot. Nou heb je daar als westerling een bepaalde voorstelling van en die ziet er hier dus wat anders uit! Het was een een soort kano met een gigantische motor eraan. De bodem van het bootje was nogal dun, het leek wel karton. We voelde ons niet echt op ons gemak maar toen het gevalletje eenmaal snelheid begon te maken werd het een ander verhaal.
Na een een minuut of tien konden we genieten van de prachtige mekong rivier en al het groen en de kleine dorpjes aan de rand van de bedding.
Het duurde ongeveer een uur en toen waren we bij de grens van Cambodja.
Voor twee dollar mochten we het land uit,wat meeviel. We verwachtte dat ze meer zouden vragen maar hierover besloten we maar niet moeilijk te doen.
Toen in het bootje naar de andere kant van de rivier,daar achterop een scooter (weer een dollar) naar de grens met Laos.
Daar kwamen we aan om 16.15. Helaas werken ze tot 16.00 uur dus moesten we drie dollar 'overtime' betalen. Die verdwijnt vast ergens in eigen zak,hetzelfde verhaal als Cambodja.
In Cambodja komen er altijd honderd man op je af rennen om je te vervoeren van A naar b maar hier bij de grens in laos gebeurde niets! Wij stonden daar zo'n beetje af te wachten maar na een half uur was er eindelijk iemand bereid ons verder te brengen. We waren ondertussen met z'n vijfen wat prettig is i.v.m onderhandelen en het drukken van de prijs.
We hebben toen in een pick-up 25 km gereden om aan te komen bij de rivierbank vanwaar de bootjes naar Don det vertrekken.
Ondertussen konden we al genieten van een mooie zonsondergang maar dat was niet echt waarom we daar stonden. Iedereen betaald 1 dollar voor een ritje maar men zag dat wij vrij hopeloos waren (met rugzakken,bijna donker) en ze wilden ons alleen voor 2 dollar meenemen,een prijstijging van 100%! Na veel gedoe zijn we toch voor de normale prijs overgegaan en hebben we een bungalow op Don Det gevonden.
In Laos betalen we met dollars en kip (erg grappig als je verteld dat je met 'chicken' betaald). Het grootste kip billet is die van 20.000 kip,waarde: 2 dollar. Als je hier geld wisselt krijg je dus een enorme stapel met kippetjes.
Men heeft hier ook geen kassa's maar in plaats daarvan zit het geld in emmers.
Don det was prachtig. We hebben een dag gefietst naar een waterval,erg mooi en hebben gezwommen in de mekong rivier, ook samen met de koeien,die beesten hebben het ook warm!
Ook was het een leuke plaats waar we veel mensen hebben ontmoet. Elke avond was er een vuurtje op het 'strand' dus het werd nog weleens laat.
We zijn drie dagen in Don det gebleven en toen vertrokken naar Pakse met een pick-up.
De eerste dag in Pakse hebben we ouderwets rustig aangedaan, beetje hbo kijken Six feet under (favourite serie en wel twee afleveringen !!) en bedenken wat we de volgende dag gaan doen, want Pakse op zich is niet zo interessant.
Dusss..... hebben we een "dirt bike' gehuurd en zijn de country site in getrokken, wat op zich al een avondtuur was.
Kleine dorpjes en de mekong oversteken doe je op samengebonden bootjes met daarop een flonder met daarop Marvin en Felies en de motor... erg gezellig eigenlijk. We hebben ook nog een oude Ankor tempel bekeken maar daar was helaas niet meer zoveel van over. Op de terugweg begon het al flink te waaien en toen we veilig bij ons guesthouse aangekomen waren begon het te regenen met bakken tergelijk. Het begin van het regenseizoen kwamen we net achter. Gelukkig duurt het meestal maar een half uurtje en dan schijnt de zon weer.
Tot zover deze 'update', swaa dii! |
|
|
 |
 Cambodja 17 maart
media
|
17 Maart 2005 | 09:34:03
 |
|
Cambodja 17 maart
Nog even een laatste bericht uit Cambodja.
Sihanoukville beviel erg goed en uiteindelijk zijn we hier vijf dagen gebleven. Het strand was een beetje verlaten maar daarom niet minder gezellig.
Weer terug in Phnom Phen hebben we onze visums voor Laos geregeld en zijn we vertrokken naar Kratie.
Dit betekent de avond van te voren inpakken (dat hebben we ook maar een regel gemaakt), in de ochtend om zes uur opstaan,naar het reisburaeu lopen bepakt en bezakt en dan wachten op onze pick - up naar de bus. Ondertussen even snel een broodje kopen en water (heel belangrijk!) en dan maar wachten. Uiteindelijk kwam er een auto om ons op te halen maar toen bleken er nog andere mensen bij te moeten met vier koffers en tassen wat dus niet pastte. Wij in die auto door het idiote verkeer van Phnom Phen (links,rechts,ertussendoor en visa versa),vervolgens onze spullen in een grotere auto verhuisd,weer terug door het idiote verkeer om die andere mensen op te halen en dan maar hopen dat we de bus niet missen!
Dat was niet het geval,zes uur later zaten we in Kratie zonder weinig problemen. Op een tussenstop liepen er wat vrouwtjes rond die gefrituurde grotspinnen verkochten. Hum,heerlijk daar zaten we net op te wachten!
Eenmaal in Kratie hadden we snel een guesthouse gevonden aan de Mekhong rivier. Even nog wat luxe voordat we naar Laos vertrekken want we hebben airco en tv met de favoriete zenders HBO en UBC sport. We hebben in Phnom Phen PSV zien winnen trouwens. Ok, geen feyenoord maar toch leuk!
Gisteren hebben we hier wat mensen ontmoet (een Deen en een Engelse) waarmee we vandaag naar de zoetwater dolfijen zijn gaan kijken. We weten niet hoeveel foto’s we hebben gemaakt maar helaas,meestal alleen het staartje of alleen maar water.
We zaten op een bootje midden op de mekong en af en toe hoorde je plons hier,plons daar en zag je een dolfijn ademhalen. Meestal zo’n dertig of veertig meter van de boot. En natuurlijk ben je altijd te laat met je foto’s. Maar goed,deze dolfijnen springen niet zoals zeedolfijnen maar we hebben ze gezien!
Daarna zijn we verder op in de rivier nog gaan zwemmen wat nogal een uitdaging was met sterke stroming en rotspatijen.
We hebben net onze reis geregeld naar de grens met Laos. Met ons vieren delen we een taxi (normaal doen ze in een taxi een mannetje of zeven dus wij gaan luxe!) en gaan we naar Strung Teng om daar de speedboot naar de grens te nemen.
Daar zullen we waarschijnlijk moeten gaan betalen om een stempel in ons paspoort te krijgen om Cambodja uit te kunnen en hetzelfde geld voor Laos om erin te mogen. Dit is de niet-offieciele bijverdienste van de douane beambten ter plaatse maar het zal niet meer als een paar dollar zijn. Als ze meer willen moet je dreigen met het bellen van je ambassade is ons verteld door een cambodjaan...en hij zal het wel weten.
Hoe het internet in Laos functioneerd weten we nog niet,het zal in ieder geval weer een geheel ander land zijn. We hebben er veel zin in om daar doorheen te gaan reizen,
tot zover,
|
|
|
 |
 Cambodja 7 maart
media
|
09 Maart 2005 | 08:28:09
 |
Op dit moment zijn we vier dagen over de helft van onze reis. We denken er maar niet aan want het reizen bevalt nog steeds goed. We hebben alleen de neiging ergens langer te blijven zitten als in eerste instantie de bedoeling was.
Na zes dagen Siem Riep zijn we doorgereisd naar Phnom Phen. Ons reisboek (lonely planet) blijkt ook voor Cambodja niet te kloppen. De wegen zouden hier in slechte staat verkeren maar daar is de afgelopen jaren hard aan gewerkt want de weg is prima!
In Phnom Phen aangekomen stonden er zo'n veertig man om de bus heen om de zeven toeristen die erin zaten naar hun guesthouse te krijgen. Een tuk-tuk krijgen was dus geen probleem en we wisten waar we heen wilde,dankzij tips van anderen (inderdaad lakeside Robin!).
Phnom Phen is een stad met een miljoen inwoners en het verkeer is chaotisch. Rechts rijden is de regel maar in de praktijk tuft alles door elkaar heen. Tergelijktijd staat er overal verkeerspolitie maar die doen blijkbaar niet zoveel.
Ons guesthouse was aan het meer midden in de stad. Er is een klein straatje (zandweg) waar veel restaurantjes en barretjes zitten. Ook kun je hier de allernieuwste films kopen voor 2,5 dollar en bekijken in het guesthouse. We hebben dus een aantal films gezien waaronder ook de killing fields. Deze film bekijk je met andere ogen als je in het land zit waar de Khmer rouge zoveel ellende heeft aangericht.
Het meest indrukwekkend was ons bezoek aan S21. Dit was een middelbare school maar werd de ergste gevangenis van de Khmer rouge in 1975 tot 1979. Niemand kwam hier levend uit. De eerste mensen die werden opgepakt en vermoord waren mensen met een opleiding. Ook mensen met een bril werden als gevaarlijk beschouwd en overleefde het niet.
Om dit land te begrijpen is het goed meer te weten van de geschiedenis. We hebben ook een aantal boeken gelezen over de Khmer rouge en van een vrouw die de werkkampen heeft overleeft.
Door het regime van de Khmer rouge heeft Cambodja een generatie aan opgeleide mensen van middelbare leeftijd verloren wat nu nog steeds zijn invloed moet hebben op dit land.
De tegenstellingen zijn enorm groot. Net als in Birma zie je mensen die leven in hutjes en weinig tot niets hebben maar wat je hier ook ziet zijn veel kinderen die bedelen op straat.
Er zijn veel weeshuizen voor deze kinderen maar die zijn niet allemaal even netjes. Van een amerikaan die drie jaar in Cambodja met deze kinderen werkt hoorde we dat soms de donaties voor andere dingen worden gebruikt dan de kinderen en dat er zelfs kinderen worden verkocht wat verschrikkelijk is.
Tergelijktijd zijn er veel intiatieven van westerlingen die iets voor deze kinderen proberen te doen. Van hun eigen overheid hoeven ze niet veel te verwachten. Die is corrupt. Je zou Cambodja het Colombia van Azie kunnen noemen.
Na een week Phnom Phen zijn we doorgereisd naar Kampot. Vanuit hier hebben we 'Bokor hillstation' bezocht. Dit is een spookstadje boven op een berg (Cambodja is verder erg vlak)gebouwd door de Fransen. Zij hebben daar een hotel/casino gebouwd,een kerk, wat huisjes en een postkantoor.
Om op deze berg te komen was een hele onderneming want de weg,aangelegd in 1917, is nooit onderhouden. We gingen in een pick-up met vierwiel aandrijving de berg op,samen met acht anderen. Dat was schudden en klotsen achter in de pick-up maar het is de beste manier van vervoer wanneer er echt geen weg is maar alleen maar brokstukken en losse keien.
Eenmaal boven hebben een uur door de jungle gelopen en daarna verder gereden naar het Hotel.
Dit gebouw is spookachtig. Er staat ook een bord dat je hier nachts niet mag slapen.
Dit was nl. ook het laatste kamp van de Khmer rouge en ook hier zijn veel mensen vermoord.
Slapen waren we toch niet van plan dus hebben we rondgelopen en geprobeerd voor te stellen hoe dit geweest is in de glorietijd van de Fransen en later de verschrikking van de oorlog.
Op de terugweg naar beneden kwamen we een minibus tegen die het begeven had. In dat kleine busje zaten misschien wel 20 Cambodjanen en die moesten naar beneden lopen. Met de auto kost dit al een uurtje of twee dus dat moet geen pretje geweest zijn (wetend dat er in deze jungle ook tijgers rondlopen...brrr).
We hebben besloten dat we toch iets sneller moeten gaan reizen en na twee nachten doorgereisd naar Sihanoukville aan de kust. Het strand is hier niet zo mooi als in Thailand maar wel erg relaxed. Op een avond zaten we aan een bar wat te drinken,goede muziek (zoals 'vroeger' in de more) en deze bar bleek niet alleen een bar te zijn maar het was ook een reisburo,je kan er visums regelen, een snorkeltripje boeken en het was een coffeeshop ! (do you want happysigaret?) Op mijn vraag of dat niet gevaarlijk is antwoorde de barkeeper: no,my boss policeman! Ok,dat is Cambodja dus ook. Je kan hier ook 'happy'pizza eten,in plaats van origano een hele laag met wiet onder de kaas. Dit hebben we niet gedaan want van iedereen die dit heeft geprobeert horen we dat ze drie dagen sloom en moe zijn, niet echt de moeite waard dus.
Waarschijnlijk blijven we hier een dag of twee en moeten dan weer terug naar Phnom Phen om ons visa voor Laos te regelen en wat foto's op de website zetten en zullen dan snel de Mekong rivier opgaan om verder te reizen naar Laos wat een totaal ander land zal zijn als Cambodja!
Tot zover, lii haai!
|
|
|
|
|
|